zaterdag 10 maart 2018

Not his keeper



Het is verschrikkelijk, ik moet zo met roodomrande en opgezette ogen door de hal van Schiphol lopen met mijn dochter aan mijn zijde. Arm kind, wat zal ze zich generen. Josephine, het zusje van Bram en ik zijn 4 dagen naar Oman geweest. Het was een mijl op zeven, maar heerlijk! 

We hebben een 'Mall' bezocht en nog eentje. We hebben een poging gedaan om de grote Moskee te zien voor 11 uur, maar 11 uur bleek te vroeg. Wel hebben we hem van buiten bekeken en door de hekken foto’s gemaakt alsof we binnen waren. In een mega supermarkt hebben we allerlei Amerikaanse goody's, bekend van youtube-rs, gekocht en de mannen die Josephine beslopen en begluurden weggejaagd. We hebben pootje gebaad in oases tussen de kale rotsen en toetjes gegeten zonder te betalen. We hebben een heleboel quality time gepropt in 4 dagen en daar zijn we samen erg goed in geworden vinden we zelf, sinds we in ons gezin om de beurt weggaan omdat Bram niet meer mee kan. 

De reden voor mijn roodomrande ogen is dan ook niet deze reis, maar een film die ik zag aan boord van Qatar Airways. Eigenlijk alle 3 de films die ik zag op de terugweg, want zodra een film verdrietig, zielig of romantisch is ga ik lekken. Maar bij de laatste film was er geen houden aan.

De film, 'not my sisters keeper', ging over een klein, doodziek meisje waar kanker wordt geconstateerd. De moeder trekt letterlijk alles uit de kast om haar kind beter te maken. Voor haar jongere broertje is weinig tijd. Zijn tijd komt als z'n zusje weer beter is, zo denken de ouders. Uiteindelijk besluit het gezin zelfs een designer baby te krijgen om de donor voor ongeveer alles wat medisch mogelijk is voor haar zusje te kunnen zijn. De artsen gaan mee en raden het zelfs aan. Maar het meisje wordt zieker en zieker en uiteindelijk wil ze niet meer, maar durft het haar moeder niet te vertellen. Moeder ziet het niet en kan niet opgeven. Ook die laatste hoop, een niertransplantatie moet doorgaan.

Een intens verdrietig verhaal en ik lekte de hele film als een hele oude kraan. Niet alleen om dit verhaal maar ook omdat het zo vreselijk dichtbij kwam. Het oudste en tevens zieke kind is een meisje, maar ook zij had een broertje en een zusje. Bij beide kinderen proef je de solidariteit én eenzaamheid.

Het zieke kind had een vorm van leukemie en was natuurlijk volledig bewust en wilsbekwaam, maar ook zij had niks te zeggen. Telkens weer werd er voor haar beslist wat de volgende stap moest zijn in haar behandeling. Iedere mogelijkheid werd aangegrepen, opgeven was geen optie. Bij mijn Bram zijn de mogelijkheden allang opgegeven, net als hij. Het meisje wordt fysiek steeds zieker, Bram fysiek maar heel langzaam, maar mentaal is hij angstaanjagend ziek, toch wordt dit niet als ziek zijn gezien en zelden besproken. En toch is ook dat niet wat mij in tranen bracht. 

Het was het gezin dat letterlijk geen eigen leven had. Alles, werkelijk alles, draaide om het zieke kind. Een vizueuze cirkel waar emotioneel niet uit te breken valt. Zo confronterend. Hoe vraag je een moeder haar kind op te geven? Hoe ondersteun je een gezin in een dergelijke situatie? Wie maakt er een plan, of blijft oog houden op de toekomst? Moet je wachten tot een gezin zelf tot inzicht komt wat de grenzen van de realiteit zijn? Hoe zorg je als moeder er voor dat je gezin overeind blijft zonder iemand te kort te doen? Hoe zorg je in je huwelijk ervoor dat je een aantrekkelijke partner blijft terwijl je zelden een oog dicht doet en in feite nooit aan een eigen leven of identiteit als stel én als individu, toegekomen bent? Hoe ondersteun je de andere kinderen en elkaar voldoende in een situatie als deze?

Dat zijn ernstige zaken die in de film allemaal even aangestipt werden, maar mij als moeder van een ongeneeslijk ziek kind veel dieper raken dan een film aan boord van een vlucht ooit een moeder zouden mogen raken. Ook in het echte leven, als er geen script is, blijven dit soort vragen vaak onbeantwoord. Er zijn namelijk geen wenselijke oplossingen waardoor deze onderwerpen het liefst in het midden gelaten worden. Tot iemand in het gezin het niet meer volhoud en dwars door deze kunstmatige stilte heen schreeuwt. Aandacht voor alles wat ongemakkelijk is moet er komen want de impact is zo vreselijk groot.

Deze moeder probeerde het lot en de toekomst te veranderen, niet alleen voor haar zieke kind, maar ook voor zichzelf omdat zij net als velen, instinctief een vechter is en geen andere oplossing kent dan vechten voor wat ze waard is. Ze beet zich vast om pas los te laten op de dag dat ze niet meer vast kon houden.

Met de kin op de borst en mijn wilde grijze haren hangend voor mijn gezicht schuifelde ik achter mijn dochter het vliegtuig uit. Door de douane, langs de bagagebanden, niets aan te geven en naar buiten. De Hollandse kou en de wind deden me goed. Ik voelde mijn gezicht opklaren. We vonden de bus die op ons wachtte met daarin Bram en zijn vader. Een kus en een knuffel en ik pakte de draad automatisch alweer op waar ik hem had gelaten: "Heeft hij zijn pillen al gehad...?"





Note: Sander Hossen spreekt over professionele nabijheid. En al gaat dat over mensen met Kanker, het is juist die professionele nabijheid die ook wij als gezin enorm hebben gemist in de 19 jaar dat wij ons dag in dag uit zorgen maken om Bram en ons gezin!

donderdag 22 februari 2018

Een eigen poli zou echt heel fijn zijn


Pipopoli, allergiepoli, ADHD-poli, adoptiepoli, diabetespoli, groeipoli, RETTpoli, Downpoli, ze bestaan allemaal. Waar sommige ziektebeelden zelfs hun eigen ziekenhuis krijgen, is er voor mensen met (Zeer) Ernstige (Verstandelijke) en Meervoudige Beperkingen (Z)E(V)MB helemaal niets, zelfs geen multidisciplinair spreekuur! 

 

Onbegrijpelijk en onvoorstelbaar in mijn ogen. Bij (Z)E(V)MB gaat vaak al vanaf de geboorte iets niet goed, laat staan vanzelf. Veelvuldig is er sprake van een niet-instelbare, alles ondermijnende epilepsie en komt de ontwikkeling van het kind niet of nauwelijks op gang. Al deze met elkaar interfererende complicaties hebben heel grote gevolgen voor de gezondheid én kwaliteit van leven. De ZEVMB-kinderen in deze groep zijn onherstelbaar ziek of zelfs levenslang palliatief. Juist daarom zouden deze kinderen en hun gezin van jongs af aan tot ver in de volwassenheid gevolgd, begeleid en ondersteund moeten worden.

 

Hoe gaat het?

Met een prachtige baby in mijn armen reden wij achttien jaar geleden naar huis. Het ontslaggesprek met de professor was kort: een verwoestende diagnose, zonder toekomst, een moeilijk instelbare Epilepsie (syndroom van West) en een kind dat naar verwachting nooit zou kunnen wat het zou moeten kunnen. In het ontslagmapje zat naast een nieuwe afspraak en brief voor de huisarts, een lijst om de aanvallen bij te houden, een recept voor rectiole Stesolid voor als hij blauw aanliep en het telefoonnummer van een kinderdagcentrum in de regio. Ieder polibezoek overhandigde ik trouw het schriftje met de honderden epileptische aanvallen die ik had geteld. Zonder er echt naar te kijken werd dit aan de kant gelegd, de medicatie opgehoogd en nieuwe anti-epileptica toegevoegd. De meeste mijlpalen haalde mijn mooie zoon niet. De mijlpalen die hij wel haalde leverde hij uiteindelijk weer in. Toch vertelden zijn kinderarts en neuroloog mij dat zij het best heel redelijk vonden gaan, maar ze vergaten te vragen hoe het met ons ging, of we het allemaal wel konden bolwerken?

 

Kwaliteit van leven

Pas toen Bram tien jaar oud was, drong zijn treurige situatie écht tot ons door. Hij lag inmiddels gemiddeld vier maanden per jaar aan een Dormicum-infuus. Hij kreeg zeven soorten anti-epileptica in onaanvaardbaar hoge doseringen toegediend en alles wat zijn leven nog een beetje de moeite waard maakte, holde achteruit. Hij kon niet meer slikken en alleen nog maar in het donker liggen. Hij huilde dag en nacht, maar een plan was er niet en een protocol was er ook niet. Er werd geschoten met losse flodders, maar een gesprek over de kwaliteit van leven van mijn kind werd niet gevoerd. Dat is het moment dat ik de regie naar mezelf heb toegetrokken. Het infuus werd vervangen door twaalf orale Dormicum-giften per 24 uur en Bram ging mee naar huis om vervolgens nooit meer opgenomen te worden.

 

Gezin

Hard, boos, zuur en verdomd eigenwijs. Ik weet zeker dat mensen mij zo ervaren. Als moeder heb ik mij als een leeuwin ontfermd over mijn erg kwetsbare en zieke kind, dat was de enige manier waarop ik mij staande kon houden in deze voor mij totaal nieuwe en onbegrepen wereld. Een kind dat zo ernstig verstandelijk en meervoudig beperkt is, kan niets vertellen. Toch weet het gezin vaak feilloos wat er aan de hand is. Vader, moeder, broertjes en zusjes, iedereen die dicht om hem of haar heen staat. 

 

Alleen door de goede zorg van het hele gezin kan het (Z)EVMB-kind groeien en bloeien. Zo ook bij ons. Maar toen wij onze zorgen uitspraken over de toekomst van Bram, zijn kwaliteit van leven en dat van ons gezin, werden wij niet serieus genomen. Ruimte voor een goed gesprek was er niet, terwijl dat juist zo hard nodig is. De uithuisplaatsing naar een instelling was niet wat wij bedoelden, maar dat was wel het antwoord van de zorgverleners waar wij voor hulp aanklopten.

 

Gesprek

Hoe komt het dat de kwaliteit van leven voor een wilsonbekwaam gehandicapt kind zo moeilijk bespreekbaar is? Wanneer iemand met sondevoeding en heel veel medicatie, zorg en aandacht in leven wordt gehouden, zelden lacht en voornamelijk huilt, bijzonder weinig besef heeft van zijn omgeving, verwacht je niet dat er een discussie ontstaat over kwaliteit van leven, maar hoop je op een gesprek over kwaliteit van leven, zorgen en sterven 

 

Valt het niemand op dat (Z)EVMB naarmate ze ouder worden steeds minder naar een ziekenhuis komen en maakt niemand zich daar zorgen over? Hoe komt het dat de aandacht voor (Z)EVMB na verloop van tijd zo verwatert en niemand zich daar zorgen over lijkt te maken? Waarom denkt men nog steeds dat gillende epileptische kinderen alleen maar last hebben van darmkrampjes en waarom ontsporen er zoveel in hun puberteit? Waarom vallen (Z)EVMBkinderen, met en zonder diagnose, buiten alle onderzoeken en ontwikkelingen? Valt het niemand op dat (Z)EVMB naarmate ze ouder worden steeds minder naar een ziekenhuis komen en maakt niemand zich daar zorgen over? Waarom moeten ouders van gehandicapte kinderen de regie bij zich houden en zo vreselijk hard aan die kar blijven trekken?

 

Hoop

Gelukkig zijn we in de loop der jaren ook artsen, behandelaars en andere betrokkenen tegengekomen die wel aanvoelen dat er meer nodig is en wel dat verschil weten te maken. Mensen die wilden luisteren en soms zelfs onze gedeelde zorgen durfden uit te spreken. Er komen ook steeds meer geluiden naar buiten van artsen en organisaties die mee willen helpen om ruimte voor (Z)E(V)MB en hun gezin te creëren binnen de bestaande kaders of zelfs geheel ‘out of the box’. Door ons jarenlange vechten moeten we niet doof en blind worden voor alle positieve ontwikkelingen die er wel degelijk zijn. Alleen door elkaar te horen én steunen kunnen we bouwen aan goede en aandachtige zorg en een betere toekomst. 

 

Ik zie uit naar de opening van de eerste specialistische poli, waar mensen met (Z)E(V)MB van jong tot oud worden gezien en begeleid. Waar alle disciplines aanschuiven en verder gekeken wordt dan het kind alleen, zodat de leeuwin in mij weer de kans krijgt om ‘moeder’ te worden van haar kwetsbare, inmiddels volwassen, telg.


*Dit is een blog dat ik schreef voor Kind & Ziekenhuis op 9 februari 2018 nam een presentatie die ik heb gegeven op 
het congres NVK 'zonder muren'

 

dinsdag 20 februari 2018

Pipopoli, allergiepoli, ADHD-poli, adoptiepoli, diabetespoli, groeipoli, RETTpoli, Downpoli, ze bestaan allemaal

Waar sommige ziektebeelden zelfs hun eigen ziekenhuis krijgen, is er voor mensen met (Zeer) Ernstige Verstandelijke en Meervoudige Beperkingen (ZEVMB) helemaal niets, zelfs geen multidisciplinair spreekuur. Onbegrijpelijk en onvoorstelbaar in mijn ogen. Bij ZEVMB gaat vaak al vanaf de geboorte iets niet goed, laat staan vanzelf. Veelvuldig is er sprake van een niet-instelbare, alles ondermijnende epilepsie en komt de ontwikkeling van het kind niet of nauwelijks op gang. Al deze met elkaar interfererende complicaties hebben heel grote gevolgen voor de gezondheid én kwaliteit van leven. ZEVMB-kinderen zijn onherstelbaar ziek of zelfs levenslang palliatief. Juist daarom zouden deze kinderen en hun gezin van jongs af aan tot ver in de volwassenheid gevolgd, begeleid en ondersteund moeten worden.


Zien, willen zien, of wegkijken? Ik vraag mij dagelijks af hoe men naar deze groep mensen kijkt en wat wij mogen verwachten. Ik had het genoegen een stuk te mogen schrijven voor het tijdschrift Kind&Ziekenhuis




Link naar URL 

vrijdag 9 februari 2018

“Life handed us lemons, I have always wanted to throw them back and yell: “ YOU PROMISED US CHOCOLATE!”"






Zorg is een doolhof voor kwetsbare groepen schreef Cor Calis in een mooi blog voor Skipr. Ik denk persoonlijk dat de zorg voor iedereen een doolhof is, zelfs voor hen die het allemaal bedacht hebben. Hoe dan ook, voor mij is het dat in ieder geval wel!

Mijn volwassen leven was eigenlijk nog maar net begonnen. Ik had een paar jaar kunstacademie gedaan, maar dat was niet mijn ding. Ik was 16 en had maar 1 doel en dat was zo spoedig mogelijk het huis uit. Ik kon leuk tekenen en deed toelatingsexamen op een academie voor industriële vormgeving. Ik werd toegelaten en dat was mijn ticket uit huis!

Een deel van mijn opleiding heb ik in Engeland gevolgd en terug in Nederland zette ik een studio op. Ik werkte dag en nacht en verdiende veel geld, kocht een huis en een auto, nam mensen in dienst, maar ik vond er niets aan. Ik had het contact met mijn vrienden verloren die aan het genieten waren van hun eerste salarissen, lease auto's, liefdes, het leven. Zij voelden zich zeker over hun toekomst. Ik niet. Het roer ging om en ik veroverde een plek in de database marketing. Ik was on track, ik voelde dat daar een toekomst voor me lag en schreef me in voor Nima-A.

Ondertussen had ik mijn man ontmoet, gingen we samenwonen en droomden we van kinderen. Dolgelukkig was ik toen ik zwanger werd en nog gelukkiger was ik toen mijn eerste kindje gezond geboren werd. We waren verhuisd, ik had een nieuwe baan gevonden, we hadden een oppas aan huis en zodra mijn verlof over was kon ik aan de slag. Het leven lachte ons toe.

Ik heb precies 3 weken gewerkt. Bram ging opeens raar doen. Hij huilde al veel, maar nu stopte hij niet meer en maaide met zijn rechter arm. Zijn linker deed niets meer. We belande in het ziekenhuis en het circus begon. Ik zat nog in mijn proeftijd, dus mijn baan stopte. Van het Perifeer ziekenhuis 5 minuten van ons huis, werd Bram overgeplaatst naar de VU in Amsterdam, onze reis door het Nederlandse Zorglandschap was begonnen. Het was 1999 en ik was in een klap volwassen geworden... 19 jaar later zoeken wij nog steeds naar een diagnose en ook naar een behandeling om Bram zijn epilepsie in te stellen, zodat hij een klein beetje kwaliteit van leven kan ervaren.

Ik heb een gezond stel hersenen en heb mij de zorg voor Bram eigen gemaakt. Uiteindelijk liep ik ook vaak 10 stappen voor op zijn behandelaars. De opkomst van de personal computer en Google heeft mij daar enorm bij geholpen. Ik had maar één patiënt en was dag en nacht met hem bezig, zij hadden er velen en moesten bij elk poli-bezoek even opzoeken wie hij ook alweer was.

Bram kreeg zorg in natura voor zijn dagbesteding en wij kregen een budget voor logeren om ons te 'ontzorgen'. Logeren ging hij nauwelijks. Bij de instellingen vond men dat zijn epilepsie nog te grillig was en ik miste individuele aandacht, toezicht in de nachten en interesse in mijn kind. Toen hij 6 jaar was en inmiddels een broertje en een zusje had, wilde ik weer aan het werk en vroeg een PGB aan om zijn zorg zelf thuis te regelen. Tot op de dag van vandaag ben ik nog steeds zijn zorg aan het regelen. Het is mij niet gelukt zijn zorg en ons leven, zo in te richten dat ik weer aan het werk kon. Bovendien wilde niemand me hebben, ik had onvoldoende werkervaring afgezet tegen mijn leeftijd en niemand wilde mij dat opstapje geven. Investeren in een moeder die fulltime gezorgd heeft voor een ernstig ziek kind en gevochten met alle instanties en systemen die daarbij aangestuurd moeten worden, was niet wat zij in gedachten hadden.

Wat Bram nodig heeft is voldoende aandacht om hem de tijd te geven in contact te komen met zijn zorgverleners en een medewerker die vrijgemaakt kan worden om een aantal momenten op de dag ongehinderd de tijd te nemen om zijn leven kleur te geven. Wat hij krijgt zijn informatiesystemen, fraude preventie, e-health, zorg robots en bobo's. Zelfs zijn kleine uitkering kost kapitalen omdat men bang is dat hij (of wij) de boel bedotten.

Ik krijg altijd te horen dat ik bof omdat ik slim en vaardig ben en in het bezit van een grote mond. Dat klopt en ik heb inderdaad altijd mijn verantwoordelijkheid genomen en goed gezorgd voor Bram, keihard gewerkt om de zorg te verbeteren en waar mogelijk, altijd anderen geholpen om hun weg door het woud der regels te vinden voor zover ik ze zelf kon duiden. Ik vind ook dat een groot deel van het zorgsysteem, mensen in de kou laat staan. Maar echt niet alleen mensen die kwetsbaar zijn, minder slim of oud en versleten. Ook jonge mensen in de bloei van hun leven...

I worked my ass of for them chocolates!

zaterdag 20 januari 2018

Alle ethische kletskoek op een stokje



Bram was 8 en zat bij mij op schoot. Josephine en Max zaten aan weerskanten van mij op de bank.   Alfred werkte in die tijd in Zwitserland. Hij was er in het weekend, maar door de week hadden we met zijn vieren zo onze eigen routine. Eerst keken we samen naar het jeugdjournaal en daarna mocht ik zonder storen even het 'grote mensen journaal' bekijken. De kinderen nestelden zich nog een beetje meer tegen mij aan met hun eigen dromen en gedachten terwijl ik het nieuws bekeek.

Tot Ashley in het nieuws kwam. Een meisje, iets jonger dan Bram maar nog minder bereikbaar. Zij had op verzoek van haar ouders een behandeling gekregen waardoor ze niet meer groeide. We keken alle drie op het zelfde moment op. Eureka, dat willen we voor Bram!! De kinderen hadden de prachtigste ideeën en ik moet zeggen dat ik er zelf ook heel enthousiast van werd. Toen iedereen in bed lag en ik op het forum dook om de reacties van anderen te polsen zag ik dat de meningen ernstig verdeeld waren.

Het forum was er voor ouders van kinderen met moeilijk of niet instelbare epilepsie in een tijd dat  'Hyves en Facebook' nog niet bestond of in ieder geval nog geen zorgmoeders trok. Bijna iedereen met een kind als Bram (ZEVMB) was voor. Erg veel ZEVMB zijn er niet, dus de meesten waren tegen. Zoals gebruikelijk was er weinig ruimte voor een tegengeluid en ik heb het er op het forum maar niet meer over gehad.

Bij het eerst volgende poli bezoek van Bram echter wel. We hadden een afspraak met zijn neuroloog en die vond het een zaak van de kinderarts en dat was jammer. Bram zijn nieuwe kinderarts was een zeer Christelijk man zonder humor die ons met tegenzin in de maag gesplitst was omdat hij zich na zijn studie kindergeneeskunde had verdiept in neurologie. Dat de epilepsie van Bram zijn kennis ver te boven ging, heeft hij nooit willen toegeven.

Ik heb mijn verzoek bij elke specialist die wij in die tijd bezochten neergelegd. Orthopeed, Revalidatiearts, AVG, Uroloog, Gastro-enteroloog, KNO, Longarts, Klinisch  Geneticus, allemaal. Over het algemeen werd ik wat meewarig aangekeken. Een enkeling kon het zich wel voorstellen, maar wisten stuk voor stuk te vertellen dat de wet dit niet toestaat. De AVG vond het zelfs ethisch niet oké en zakte achter de barricades die de Eed van Hippocrates heet. Dat pad gaan we in Nederland niet bewandelen, zei hij stellig.

Bram groeide gestaag waardoor op een gegeven moment mijn gedram langzaam verstomde, hij was inmiddels te groot, te zwaar en te beschadigd. Uitbehandeld stond in zijn dossier. Het rouwproces van 'niet reanimeren' en een 'niet behandelen verklaring' volgde. Een palliatief verpleegkundige werd ons toegewezen, een lijst met signalen waar we op moesten letten en een 06 nummer. Wat wij allemaal niet wisten is dat mijn jongetje ondanks onze keuzes t.o.v. het door ons gekozen behandelbeleid een grote man zou worden van 180 cm, bijna 70 kilo en het cognitief vermogen van een hele kleine baby.

Behandelaars menen dat het onethisch is om een ZEVMB kind kunstmatig klein te houden, maar ondertussen houden wij ze wel kunstmatig in leven en laten we ze te vaak op een gruwelijke manier los.

Wat als we Bram nou wel die hormoonbehandeling hadden mogen geven? Dan had ik hem vannacht lekker bij mij in bed genomen omdat hij wakker was en maar niet wilde gaan slapen. We waren vanmorgen misschien wel vroeg opgestaan en naar buiten gegaan met een slee en de honden en daarna had ik hem snel opgewarmd in een lekker bad. Misschien waren we wel even naar een oude tante gegaan die in een bovenhuis woont zonder lift, of naar Amsterdam om de stad in te gaan. Hij had meegedaan, want dat zou makkelijk kunnen en dat doen we nu niet. Hij lag vanmorgen tot 10 uur in bed. Pas toen kon ik mij er toe zetten hem in bad te doen. Bij een volwassen vent is dat een hele operatie en niet te vergelijken met een kleine jongen. Nu zit hij in de stoel te wachten tot we gaan wandelen of fietsen. De enige twee opties die we hebben want verder komt hij niet. Dus of we dat nu willen toegeven of niet, hij doet niet meer mee. Dat is onmogelijk of nauwelijks op te brengen. Hij is te groot en te zwaar en te onhandig. Hij kan niet meer op schoot* . We kunnen niks meer zonder lift en zeker niet alleen. Als wij iets ondernemen voor het gezin dan gaat hij of niet mee of hij hangt er een beetje bij. Eigenlijk hangt hij er altijd een beetje bij omdat hij door zijn formaat in combinatie met alle handicaps er niet bij te betrekken is.

Alle ethische kletskoek op een stokje, wanneer Bram nu nog steeds klein zou zijn geweest, zou dat een enorme verrijking zijn geweest van zijn verder nogal miserabele leventje!

*en begin nu niet over een lift en dan op schoot laten zakken want daar geniet niemand van

dinsdag 9 januari 2018

Dementie vriendelijk?

Een dementie vriendelijke samenleving


In Nieuwsuur een prachtig tweeluik (deel 1 en deel 2) over dementie. 30 jaar onderzoek en eigenlijk geen resultaat omdat men zich heeft blindgestaard op een eiwit in de hersenen dat bij 100+ jarigen er ook blijkt te zitten, zelfs als zij helemaal geen dementie vertonen...

30 jaar onderzoek naar een ziekte waarvan maar een relatief klein percentage de daadwerkelijk gevreesde fase van wilsonbekwaam, langdurig ernstig afwezig en in zichzelf gekeerd, volledig incontinent en uiteindelijk bedlegerig zijn, blijkt door te maken.


Ik geef eerlijk toe, ik moet er niet aan denken. Zoals hier boven beschreven: wilsonbekwaam, incontinent en vergeetachtig, een situatie waarin geen mens terecht wil komen. Daar tegenover staat dat ik mijn oude tante dement heb zien worden en de periode dat zij diep ongelukkig was, was maar kort. Haar leven als ernstig dementie patiënt was dat ook. De periode waarin zij werkelijk wilsonbekwaam was en in zichzelf gekeerd, heeft maar een aantal maanden geduurd. Zij was 86 toen zij stierf.

Wat mij raakt bij het zien van de twee luik van Nieuwsuur kun je vast voorspellen. Wilsonbekwaam, incontinent en niet alleen vergeetachtig, maar niet instaat om gedachten te ordenen en dus welke gedachte dan ook überhaupt te formuleren. Een verwoest leven, het allerergste dat iemand kan overkomen.... dat is ook mijn Bram.

De eerste fase heeft zo'n beetje 6 jaar in beslag genomen en de laatste fase (be)leeft hij al 13 jaar.  En toch is er niemand die daar naar omkijkt. Geen 32,5 miljoen voor onderzoek. Sterker nog, geen enkele arts die geïnteresseerd is of wil weten waarom hij en velen met hem, is zoals hij is. Nog veel kwalijker vind ik het dat zelfs niemand uitspreekt dat dit het ergste is wat hem had kunnen overkomen en dat hij een verwoest leven lijdt. Dat het in der daad de bedoeling is dat hij net als anderen die hem voorgingen, moet wegkwijnen in een verpleeg tehuis tot de dood zal volgen. Niet voor een paar maanden zoals bij de meeste werkelijke dementie patiënten, maar nog vele jaren. En dan komen we op het punt waar ik echt heel boos kan worden. Hoe is het mogelijk dat we zo begaan kunnen zijn over de ene diagnose en helemaal niet over een andere die de zelfde uitkomst heeft? Onze gemeente heeft sinds 6 december 2017 het officieel predicaat Dementie vriendelijk te zijn. Zij werkten aan een magazine, maakten plannen rondom daginvulling, gaven voorlichting en verkenden hoe het langer thuiswonen met dementie nog meer aandacht kan krijgen. Ondertussen ben ik al jaren aan het zoeken naar een redelijke dagbesteding voor Bram die binnen de gemeente Lochem voor hem niet te vinden is, maar waar ook geen ondersteuning wordt gegeven om een passende oplossing te vinden. Waarom alleen aandacht bij dementie of ouderen?

Laten we proberen te beginnen met een 'dementie vriendelijke samenleving' en ons het lot van de medemens die minder fortuinlijk zijn dan wij aantrekken, ongeacht diagnose, maar kijkend naar de zorgvraag?


vrijdag 5 januari 2018

Huilen kan altijd nog, tel je zegeningen



,,Wat is die stellage in uw bus, als ik vragen mag?” ,,Natuurlijk mag dat, het is een lift voor onze gehandicapte zoon.” ,,Ach, woont hij nog thuis?” ,,Ja, hij woont weer thuis”. ,,Ik heb groot respect voor u, u heeft een zwaar leven en uw gezin ook. Ik heb heel veel bewondering voor mensen die dat willen opbrengen, wij konden dat niet toen ons eerste kind gehandicapt geboren werd. De dokter heeft hem laten gaan. Dat is goed, maar het blijft aan je vreten. Wat als……..”


Ik hoor het zo vaak: “… respect, je bent een bijzondere moeder, ik denk niet dat ik zou kunnen wat jij doet” en dan doelen ze op het (altijd) zorgen voor Bram. Tegelijk hoor ik van andere ouders van gehandicapte kinderen: “huilen kan altijd nog en tel je zegeningen. Je gehandicapte kind leert je beseffen wat belangrijk is in het leven” of “mijn gehandicapte kind is het mooiste wat me is overkomen…”

Al dit soort opmerkingen vind ik ongemakkelijk. Ze zijn meestal lief bedoeld of in ieder geval aanmoedigend en vragen dan ook om een vriendelijk antwoord. Sommige opmerkingen zijn helemaal niet zo lief bedoeld, misschien belerend, maar worden in ieder geval met een genoegzame glimlach uitgesproken. Weer anderen zeggen maar wat en denken niet na. Ik doe meestal mijn best om mijn reactie zo te formuleren dat ik niemand kwets, niet lieg, maar ook niet het achterste van mijn tong laat zien. Volgens mij is het een feit dat (bijna) iedere ouder het instinct heeft goed te zorgen. Wanneer een kind volkomen hulpeloos is ga je zorgen. Er is weinig keus, je moet. De zin dat ik ’t met liefde doe volgt automatisch. Ondertussen flitst er van alles door mijn hoofd dat mijn goede moederschap direct relativeert en waar ik helemaal niet zo trots op ben.

Een wedstrijd, een race naar de top, een ereplaats inclusief oorkonde voor de winnaar, de sterkste moeder van allemaal! Alle aspecten die roet in het eten zouden kunnen gooien geheel buiten beschouwing latend. Jeugd, tegenslag, opvoeding, ondersteuning, familie, leeftijd, zorgvraag, locatie, ambitie, etc. Halleluja, alsof het een spel is waar je steeds de juiste afslagen moet nemen, nooit in de herkansing mag, maar als verliezer van het bord geserveerd…. gefeliciteerd, geniet van je overwinning, wat ben jij goed…..

Ik ben in iedergeval niet op de manier zoals iedereen dat verwacht, sterk. Wat ik wel weet is dat ik verdomd sterk moet zijn, tegen wil en dank. Overweldigende angst, verdriet, onzekerheid, boosheid en frustratie, dagelijks passeren deze gevoelens de revue in meer of mindere mate. Onderwijl houdt je je in voor de buitenwereld. We houden de schijn op dat we het aankunnen, voor ons zelf om te overleven, voor de andere kinderen om ze niet bang te maken, voor je relatie om hem niet weg te jagen en naar de buitenwereld om niet helemaal buitengesloten te worden. Dat ik als zorgmoeder heel sterk moet zijn, wil nog niet zeggen dat ik me ook zo sterk voel. Zo sterk voel ik me namelijk helemaal niet wanneer ik verdrietig ben en mij van alles en iedereen afsluit omdat mijzelf overeind houden al mijn energie kost. Als ik het mezelf toesta, voel ik me zelfs zwak, kwetsbaar en soms zelfs hopeloos. Mijn sterk is meestal niet meer dan dat ik niet laat zien hoe kwetsbaar en verdrietig ik in werkelijkheid soms ben. Ik veeg mijn tranen snel weer af en ga door alsof ik het allemaal heus wel aan kan, want door moeten we. Voor Bram, voor onszelf en met stip, voor die andere twee lieve kinderen die ons ook zo nodig hebben.

Het heeft een tijd geduurd eer ik door had dat juist dat ook sterk zijn is. Ik vond mijzelf een dweil, mijn emoties gingen alle kanten op en een uitweg zag ik niet. Mijn lijf en ziel deden letterlijk pijn, zelfs een uur vooruit kijken was onmogelijk. Toch kwam ook ik ooit uit donkere krochten van angst tevoorschijn, rechte mijn rug en deed wat er van mij verwacht werd, vechten voor mijn kind, mijn gezin, mijn huwelijk. Het is een keuze om alle tegenslagen de boventoon te laten voeren, maar het is een gegeven dat we elke dag een last meedragen en juist daar zit onze kracht. Het ondanks alles wel doorgaan, niet bij de pakken neer zitten, incasseren en weer door gaan. De permanente druk op onze zelfredzaamheid, leerde mij per minuut te leven en inmiddels kan ik zelfs ver vooruit plannen en toch rekening houden met situaties die per minuut kunnen veranderen.

Dus al voelt het vaak wat overdreven als men zegt dat je zo sterk bent, misschien moeten zorgouders de gedachten dat men de waarheid spreekt iets vaker toestaan, onszelf die pluim durven geven die we eigenlijk verdienen want ga er maar aanstaan: je gehele volwassen leven, leven in het teken van je ernstig zieke kind, dromen aanpassen, hoop aanpassen, verwachtingen aanpassen en zelfs de manier waarop je lief hebt aanpassen.

Mijn hoop is dat steeds meer mensen eerlijk durven toegeven dat wat van hen verwacht wordt soms teveel is om ook nog gelukkig te kunnen zijn. Alleen dan kunnen we de zorg hervormen op een manier dat het ook voor het gezin haalbaar is om onszelf zonder schuldgevoel lief te hebben.

......en voor hen die mij zo graag willen vertellen dat het leven met een ernstig gehandicapt kind prachtig is, I know, huilen kan altijd nog en ook ik tel mijn zegeningen, heus wel!

donderdag 28 december 2017

19 jaar dagbesteding



19 jaar geleden bracht ik Bram voor het eerst naar de dagbesteding. Een paar uurtjes per week om te beginnen want mijn leven was gereduceerd tot een cirkel met een straal van 5 meter om hem heen. De artsen die ons naar huis hadden gestuurd met een berg anti-epilepsie middelen (AED), Stesolid en een aanvalsregistratie boekje, hadden mij uitgelegd over sudep, statusepilepticus, ademstilstand en wanneer de ambulance te bellen. In hun poging zorgvuldig te zijn hadden ze mij doodsbang gemaakt ook maar een moment van zijn zijde te wijken. Het heeft een aantal jaren geduurd voordat ik doorhad dat al deze angst niet gebaseerd was op feiten, maar op protocollen.

Bram ging naar de Madelief van de Parabool. Er werkte 3 mensen op de groep van 6 kindjes. Er waren veel individuele therapieën. Ze waren lief, bezorgd en ondersteunend. Hij kreeg fysio, leerde eten van een logopedist en er keek een ergotherapeut mee. Er was individuele muziek en veel aandacht voor zijn ontwikkeling. Ik vond dat we het goed deden en genoot van de uurtjes zonder Bram.

Al spoedig bleek dat de ergo niet geïnteresseerd was in kinderen zoals Bram, ze keek nooit naar hem en toen ik haar om hulp vroeg voor al het huilen wees ze mij er op dat zulke kindjes dat altijd doen en op de groepen waar hij kwam te wonen dat helemaal niet op zou vallen. Dat ontdekte ik tijdens het eerste evaluatie gesprek, uit alles bleek dat ze had hem en ons nog nooit had 'gezien'. De fysio vond dat hij zich eerst moest kunnen omdraaien alvorens hij mocht oefenen met zitten. Omdraaien kan hij na 19 jaar nog steeds niet echt, maar zitten wel. Recht op onderwijs bleek voor iedereen behalve de groep waar Bram vertoefde te gelden. Van de WMO kreeg hij met medewerking van de fysio zijn eerste rolstoel waar hij helemaal niet in kon zitten. De revalidatie arts waar het dagcentrum mee werkte stuurde ons gesprek verslagen met onderbrekingen in puntjes: Jongen, 2 jaar en ....... maanden, epilepsie van het type West, ...... aanvallen per dag. Medicatie ........ Aanbevolen ....... etc. Te beschamend om waar te zijn zou je denken, maar het gebeurde niet 1 keer, maar telkens weer en toch bleef hij het contract met de instelling behouden. 4 directeuren hebben we zien komen en gaan en voor allemaal was de groep waar Bram in zat ondergeschikt aan al het andere dat ze te bieden hadden. De laatste heeft ondanks alles toch mijn hart gestolen, ze zorgde voor rust in de keet en enige standaard waar we aan vast konden houden.

We hebben ons best gedaan en gezocht naar een alternatief, maar het een was nog treuriger dan het ander. We hebben overwogen om te verhuizen naar plaatsen waar meer keus was, betere zorg en meer interesse voor de ZEVMB, maar de huizenmarkt kwam in een dip en dat plan werd ons ontnomen. Ik moest leren dat minder ook voldoende was en waar mogelijk verandering teweeg te brengen. Bram degradeerde door alle groepen heen, alles wat hij leerde leverde hij ook weer in. De groep die ik het meest vreesde omdat het iets zei over zijn toekomst, werd toch zijn thuis. Daar was aandacht en reuring, maar ook comfort, troost en een kus op zijn wang en ook dat is zo broodnodig.

Keihard heb ik gevochten voor zijn zorg en aandacht voor de (Z)EVMB groep binnen het ODC. Bikkel hard waren de muren waar ik telkens weer tegenaan knalde. De zorg werd verder en verder uitgekleed. Medewerkers kwamen vol passie, maar velen werden ook weer naar andere groepen gelokt of geschoven.

Een kleine kern van 'diehards' bleef over en altijd voor ze zorgen. We kennen elkaar al jaren. Wat heb ik een bewondering voor deze lieve mensen. Met niets iets maken, zonder veel aandacht van de organisatie of orthopedagoog. Zorgend voor kinderen die maar heel subtiel terug geven dat ze het toch wel heel leuk vinden wat je voor ze doet. Altijd vol liefde en warmte hebben ze mijn bikkel ontvangen. En elke dag een stukje om te vertellen over zijn dag, al 19 jaar, elke stap achteruit hebben we gedeeld, maar ook alle vrolijke momenten en altijd met een lieve groet.

Dank jullie wel XX


donderdag 30 november 2017

30. NEAM17 zit er op!


#facingfacts: geluk is de kunst een boeket te maken 
van de bloemen waar je bij kunt  
Het zit er weer op, November Epilepsy Awareness Month 2017 De ene dag ging het makkelijker dan de ander, soms was het nachtwerk, maar ik ben toch weer blij dat ik het volbracht heb, elke dag, dertig dagen lang, een stukje over ons. Wat een dierbare reacties, echt bijzonder fijn! 

Het doel van deze actie is awareness realiseren en dit jaar stond dat wat mij betreft in het teken van het leven van gezinnen met een een ZEVMB kind zoals ons gezin met Bram. Ik heb getracht telkens een andere invalshoek te kiezen zodat het steeds met een iets andere insteek belicht kon worden. 

Ik voel mij vaak eenzaam en geïsoleerd, domweg omdat het lastig is om weg te gaan, maar ook omdat mijn leven zo anders is dan ik mij voorstel dat dat van jullie is. Maar jullie hebben mij zoveel terug gegeven!

Van mijn vrienden met gehandicapte kinderen hoor ik vaak dat ze trots zijn op hun kinderen, dat ze blij zijn dat hun kind gelukkig is, dat het kanjers zijn en echte vechters. Ik respecteer dat oprecht en het ontroert me, maar tegelijk denk ik zelf daar soms heel anders over zoals jullie weten. Het was fijn om mijn gedachten eerlijk te delen en desondanks zoveel respect van jullie te voelen. 

Van mijn vrienden die geen gehandicapte kinderen hebben dacht ik dat ze het misschien heel lastig zouden vinden. Voor het derde jaar dertig dagen lang verhalen over Bram, ons verdriet en de strijd die we telkens weer moeten leveren. Maar niets is minder waar. Jullie reacties zijn hartverwarmend lief en daar wil ik jullie voor bedanken. Dat is heel fijn om te voelen!

Bovenaan een foto en gezegde, beiden belangrijk voor mij. De foto omdat het een van de dingen is die ik graag doe als ik mij kan en wil afsluiten voor alle sh*t die zich hier altijd blijft opdringen en het gezegde omdat het als levensmotto mij prima door dit leven helpt. Tot volgend jaar lieve allemaal!

30. #NEAM17 zit er op!


Het zit er weer op, November Epilepsy Awareness Month 2017 De ene dag ging het makkelijker dan de ander, soms was het nachtwerk, maar ik ben toch weer blij dat ik het volbracht heb, elke dag, dertig dagen lang, een stukje over ons. Wat een dierbare reacties, echt bijzonder fijn!
Het doel van deze actie is awareness realiseren en dit jaar stond dat wat mij betreft in het teken van het leven van gezinnen met een een ZEVMB kind zoals ons gezin met Bram. Ik heb getracht telkens een andere invalshoek te kiezen zodat het steeds met een iets andere insteek belicht kon worden.
Ik voel mij vaak eenzaam en geïsoleerd, domweg omdat het lastig is om weg te gaan, maar ook omdat mijn leven zo anders is dan ik mij voorstel dat dat van jullie is. Maar jullie hebben mij zoveel terug gegeven!
Van mijn vrienden met gehandicapte kinderen hoor ik vaak dat ze trots zijn op hun kinderen, dat ze blij zijn dat hun kind gelukkig is, dat het kanjers zijn en echte vechters. Ik respecteer dat oprecht en het ontroert me, maar tegelijk denk ik zelf daar soms heel anders over zoals jullie weten. Het was fijn om mijn gedachten eerlijk te delen en desondanks zoveel respect van jullie te voelen.
Van mijn vrienden die geen gehandicapte kinderen hebben dacht ik dat ze het misschien heel lastig zouden vinden. Voor het derde jaar dertig dagen lang verhalen over Bram, ons verdriet en de strijd die we telkens weer moeten leveren. Maar niets is minder waar. Jullie reacties zijn hartverwarmend lief en daar wil ik jullie voor bedanken. Dat is heel fijn om te voelen!
Onderaan een foto en gezegde, beiden belangrijk voor mij. De foto omdat het een van de dingen is die ik graag doe als ik mij kan en wil afsluiten voor alle sh*t die zich hier altijd blijft opdringen en het gezegde omdat deze als levensmotto mij prima door dit leven helpt.
Lieve allemaal, tot volgend jaar!
#facingfacts: geluk is de kunst een boeket te maken
van de bloemen waar je bij kunt!

woensdag 29 november 2017

29. Wil jij misschien werken in de zorg?

#facingfacts
Bijna elke woensdag komt Bram zijn PGBer om hem uit bed te halen, te verwennen met een uitgebreid bad en een wandeling of fietstochtje. Vandaag gingen ze naar de markt, een visje halen.

Op woensdag heeft Bram geen dagbesteding, net als in het weekend. Hij heeft die dagen ook echt nodig om bij te komen merken we. Hij slaapt heerlijk uit en is soms best moeilijk te motiveren die dagen. Gelukkig houdt zijn PGBer van tutten met hem en wordt hij tot in de puntjes verzorgd en vertroeteld, ook wel lekker. Vaak is het ook gewoon omdat hij geen spannende dag heeft, want als je met hem gaat fietsen of wandelen, wordt hij bijna altijd wel wakker en zelfs enthousiast.

Het is niet zo makkelijk om iemand te vinden die wil zorgen voor een 18 jarige ZEVMB jongen (zeer ernstig verstandelijk en meervoudig beperkt) en dat is jammer. Het lijkt misschien minder schattig dan zorgen voor een klein kindje en het is fysiek inderdaad soms een fijne workout, maar er zitten ook voordelen aan. Hij heeft bv het zelfde ontwikkelingsniveau als een klein kind, maar kan inmiddels wel tegen een stootje. Hoe wilder je met hem doet, hoe leuker hij het vindt. Weer of geen weer, hij is overal voor te porren. Als je met hem zingt, muzikaal of niet, hij vindt je geweldig! Neem hem mee naar de markt, een braderie, of een concert (ook in een kerk) met goede akoestiek en je maakt hem zielsgelukkig, hoe dankbaar is dat?

Dus ken jij nog iemand die bv een opleiding volgt in het ziekenhuis van Deventer of aan het Saxion oid, of iemand die al klaar is. En woont hij of zij in de buurt van Deventer of Zutphen? Misschien zou je dat zelf best willen en vraag je je af of je het zou kunnen leren? Stuur ons dan een berichtje en vertel ons iets meer over jezelf!

Bram en ik willen graag met je kennismaken!
#NEAM17



dinsdag 28 november 2017

28. Blos kwam op het werk!!


#facingfacts

Bram is 18 jaar en dan ben je voor de wet volwassen, ongeacht in welke ontwikkelingsfase je zit. Dagbesteding gaat dan ipv 'school',  'werk' heten en ondanks dat je groter en zwaarder bent geworden en moeilijker om te verzorgen, moet je zorg minder kosten. Hoe men ooit tot die gedachte is gekomen weet ik niet, maar het is een feit waar we mee moeten dealen en met ons iedereen die voor Bram en anderen met een intensieve zorgvraag zorgt.

Het heeft geen zin om op de dagbesteding te mopperen want die krijgen hun budget toebedeeld door het hoofdkantoor en daar moeten ze het mee doen. Een hele uitdaging die je werk niet altijd leuker maakt. Het is heel fijn dat ze bij Bram zijn beide dagbesteding locaties niet bij de pakken neer zitten en toch proberen om van elke dag weer iets speciaals te maken. Het is jammer dat er geen ruimte is om met Bram zijn vaardigheden te onderhouden en uit te bouwen bij volwassen dagbesteding. Zaken als Fysiotherapie, logopedie en werken met de Tobii spraakcomputer zit er gewoon niet in, maar gelukkig staan ze staan open voor alle ideeën om te kijken of het realiseerbaar is. Zo hebben ze sinds kort zo'n prachtige rolstoelfiets net als die wij hebben en daar hebben gelukkig alle 'kinderen' plezier van!

Zelf bedenken ze ook van alles om wat reuring te organiseren. Zo hadden ze gisteren bezoek van Blos. Of Bram het echt leuk vindt en mee krijgt zullen we nooit weten, maar kijken, dat deed hij wel en goed ook!!
#NEAM17

maandag 27 november 2017

27. Dank @GemLochem, ze vonden het heerlijk!


#facingfacts
Zo, nu heb ik jullie met genoeg intimiteiten van mijzelf en ons zorggezin opgescheept.  Jullie reacties zijn elke dag lief, meevoelend, meedenkend en hartverwarmend. Dank daarvoor. Ik hoop dat het meegeholpen heeft om weer wat meer inzicht te krijgen in het leven van een intensief zorggezin en in ons geval door een niet instelbare epilepsie. Ik hoop dat jullie begrijpen waarom wij aan de weg timmeren, er moet gewoon meer aandacht voor ons soort gezinnen komen.

Tijd voor wat leuks! Max is nog niet helemaal de oude. Hij is nog snel moe en buiten adem, maar toch zijn Josephine en hij zondag naar de Winter Efteling gegaan. Dat was een initiatief van het sociaal cultureel werk van de gemeente Lochem voor de mantelzorgers. Tot nu toe waren ze niet erg geïnteresseerd in de initiatieven, maar dit was een hit!

's Ochtends om een uur of 8 vertrokken ze in drie busjes. Een grote wens die in vervulling is ging, weer eens naar de Efteling. Iets wat we niet vaak hebben gedaan omdat het naarmate Bram groter werd ook lastiger werd. Het mooiste en leukste pretpark ever volgens mijn kinderen.

Om vijfuur kreeg ik een appje van Joos of ik de begeleidster kon melden dat ze te laat bij de bus zou zijn. Ze wilde zo graag in de grootste 8baan, maar moest een halfuur wachten en eenmaal in de rij kon je niet meer voor- of achteruit, aldus Joos. Fantastisch die mobiele telefoons, want ik heb idd de begeleiding geappt dat ze wat later zou zijn. Plichtsgetrouw als ze is, is ze toch op het laatst, net voor het instappen in de 8baan, uit de rij gestapt toen dat kon. Ik moet dit veel te lieve kind nog wel even leren om soms iets stouts te doen, bedacht ik me.

Ik heb een half uur van mijn leven verprutst met wachten...., een half uur, voor niets!!!
#NEAM17

#NEAM19 - En weer een dag vol ruis...

#NEAM19 - En weer een dag vol ruis...
Bram viel pas tegen een uur of twee in slaap en sliep onrustig. Toen ik vanmorgen opstond en naar zijn kamer ging lag hij wel heel rustig. Ik heb hem zo gelaten tot zijn zorgverlener kwam, in de veronderstelling dat wat rust wonderen doet.
Woensdag is Bram thuis en gelukkig maar, ik denk niet dat ze wat met hem hadden gekund vandaag. Bij het ontwaken was hij nog steeds niets waard. Hij probeerde zelf te drinken uit zijn fles, maar kon hem maar amper omhoog houden en zakte steeds weg en de chocomel liep uit zijn mond. Slikken ging ook eigenlijk nauwelijks. Bram zat nog steeds in een status en zit er ook nog in nu vanavond. Vaak helpt het om een nieuwe (TC's) Tonische Clonische aanval te krijgen om uit een status te komen, maar ik geloof dat hij wel 8 redelijke TC's heeft gehad inmiddels, maar het lost niets op.
Hij is wel twee keer gaan wandelen en hij heeft ook haring gehad van de markt. Hij heeft weliswaar blended, maar wel puré, rodekool en hachee gegeten met appelmoes en zijn pillen gehad. Hij heeft in het middelpunt van de keuken gestaan tijdens het koken, niets, echt helemaal niets kon hem bekoren. Heel even had hij een opleving, rond 17.00 u maar dat was van korte duur helaas.
Wat ik het aller naarst vind? Dat ik niets voor hem kan doen. Vroeger nam ik hem op schoot en legde ik hem tegen mijn borst of bond hem met zo'n doek voor me. Dan kon ik wat doen, maar hem ook dichtbij houden. Later toen hij wat groeter was legde ik hem op de bank met zijn hoofd op mijn schoot en bleef ik lekker bij hem zitten. Maar nu met zo'n groot stijf lijf kan dat allemaal niet meer. Hij is te zwaar en te groot, maar ook te spastisch en te lomp. Ik ga wel eens naast hem liggen in bed, maar jee wat heb ik al een kaakslagen moeten incasseren.
Ik denk dat niet veel mensen zich dat realiseren. Het heeft iets heel eenzaams zo'n groot ZEVMB mensenkind dat niet meer op schoot past en het toch zo hard nodig heeft. Wanneer je hem wil koesteren en troosten, zit er eigenlijk altijd een stoel tussen en als hij dan ook nog in zo'n status zit en steeds aanvallen heeft, dan kun je zo weinig voor hem doen, zelfs niet eens contact maken..
Epilepsy sucks big time!
PS. PS. Ik maak niet graag foto's van Bram in een status, maar om een indruk te geven hoe Bram er bij zit als hij zo'n eindeloze status zit, zet ik deze er toch maar bij

zondag 26 november 2017

26. Natuurlijk heb ik psychische klachten

#facingfacts
Ik las in  VROUW het interview met Desiree. Ik volg haar al een tijdje op twitter en heb grote bewondering voor de wijze waarop zij zich inzet voor vrouwen met borstkanker en de erfelijke vorm in het bijzonder. Het stuk deed mij denken aan mijn eigen pogingen om psychische ondersteuning te vinden voor mijzelf en mijn gezin.

Ons leven is niet eenvoudig. De keuzes waar wij telkens voor staan zijn van het soort die je niemand toewenst en een handboek met een route bestaat niet. Natuurlijk heb ik psychische klachten, al is dat moeilijk om toe te geven. Het jezelf je hele volwassen leven wegcijferen voor je kind gaat niet zonder kleerscheuren. Het spectrum van EMDR tot een heuse bank om op te liggen heb ik afgestruind. Groepstherapie, sjamanen en dingen als Reiki heb ik overgeslagen, dat is gewoon niet mijn ding.

Omdat Bram zelf niets kan aangeven leef ik zijn leven met hem zoals een ieder dat doet de eerste maanden van het leven van een pasgeboren kind. Wanneer een kind normaal opgroeit is dat een klein offer en helpen je hormonen ook nog mee om dit te vol te houden. Je kind helpt je vervolgens om minder strak vast te houden met de bedoeling het uiteindelijk los te laten. In de afgelopen 19 jaar is deze manier van leven voor mij een gewoonte geworden die niet bepaald gezond is, maar wel begrijpelijk en inmiddels een deel van mijzelf en moeilijk te doorbreken.

Hoe je door de jaren hier mee omgaat is afhankelijk van een heleboel factoren. Hoe zit je zelf in elkaar en je relatie, heb je ouders die je ondersteunen en helpen een weg te vinden, heb je familie en vrienden die samen met jou een weg zoeken, had je een baan met een coulante werkgever, neemt de arts zijn verantwoordelijkheid, of moet je het allemaal alleen doen?

Afhankelijk van de zorgverlener die je tegenkomt, de kennis of interesse die een therapeut heeft om zich te verdiepen in wat jou en je gezin is overkomen en waar je mee worstelt en hoe de signalen die jij afgeeft worden gelezen, zijn een belangrijk aspect in hoe de zorg om het gezin zich gaandeweg ontwikkelt.

Toen Bram 6 was en ik de handdoek in de ring gooide omdat we zo hard hadden gevochten, maar hij zich niet had ontwikkelt zoals iedereen had verwacht, zocht ik hulp. Ik werd verwezen en kreeg keer op keer te horen: het is ook wel heel erg veel wat jullie meemaken…

Toen Bram 10 was en wij in overleg met zijn behandelend neuroloog besloten hem niet verder te behandelen en los te laten als de situatie zich voor deed, vroeg ik om psychische hulp. We kregen de brief met het niet reanimeren en niet (be)handelen protocol thuis gestuurd, maar zonder verwijzing naar een psycholoog. Ik ging zelf opzoek, maar iets passends was eigenlijk niet te vinden.

Toen Bram op zijn 13e uit huis ging wonen en ik merkte dat ik het heel moeilijk vond om de kwaliteit van zijn zorg en leven los te laten, omdat die permanent onder druk stond door andere belanghebbende, melde ik mij bij een relatie therapeut. Tot op heden had geen van de andere therapeuten mij begrepen en het ging om mijn relatie tot Bram, als zijn verzorger, moeder en gezagvoerder. Het werd al snel duidelijk dat aspecten uit mijn jeugd de wijze waarop ik met Bram om ga beïnvloeden. Maar ook dit keer kwamen we niet verder dan de constatering dat het complex is.

Bram is inmiddels 18 en het is tijd om te accepteren dat sommige dingen zijn zoals ze zijn. Ik ben een opstandig mens en kan niet tegen onrecht. Wie mij benadert met argwaan of superioriteit, strijkt mij rechtstreeks tegen de haren in. Met goede hulp was ik vast gematigder geweest en misschien minder boos, iets liever voor mijzelf en dus ook voor mijn omgeving en misschien verder gekomen met mijn missie het leven van ZEVMB en hun gezin meer onder de aandacht te brengen en te te verbeteren, maar ik kreeg die hulp niet en heb geroeid met de riemen die ik heb. Het zou heel goed zijn als gezinnen met een ZEVMB kind goede ondersteuning krijgen waar ze terecht kunnen om te bespreken hoe je overeind blijft wanneer je je kind verloren hebt, maar hem nog wel elke avond welterusten kust.  
#NEAM17